Kabinet moet eenzijdige ecologische benadering loslaten
Bedrijven en burgers dreigen de dupe te worden
van de wijze waarop Nederland omgaat met de uitwerking van de Europese Vogel- en
Habitatrichtlijnen. Bij de aanwijzing van natuurgebieden, het formuleren van
natuurdoelen en het ambitieniveau ervan loopt ons land weer voor op andere
lidstaten. Het kabinet moet bij de verdere uitwerking de eenzijdige ecologische
benadering loslaten en kiezen voor een balans met economische belangen die op
het spel staan. Deze oproep doet een bredere coalitie van belangenorganisaties,
Kamers van Koophandel en het Productschap Vis in een brief aan de vaste
commissie van LNV van de Tweede Kamer.
Volgens de organisaties wordt de invoering van de
Europese richtlijnen verweven met nationale natuurdoelen, waardoor maatregelen
voor natuurbescherming worden gestapeld. De aanpak is tot nu toe onvoldoende
transparant en belanghebbenden zijn er pas in een laat stadium bij betrokken. Er
zal veel meer rekening gehouden moeten worden met de economische belangen. Nu is
het moment om hier invulling aan te geven, schrijven de organisaties.
MKB-Nederland, de Kamers van Koophandel in vrijwel alle provincies, LTO
Nederland, RECRON, HISWA Vereniging en het Productschap Vis vinden het niet
acceptabel dat bedrijfsontwikkelingen van veel ondernemingen in verschillende
branches wordt geremd en zelfs geblokkeerd. De (water)recreatiesector heeft
onlangs een zwartboek over(on)bedoelde effecten Natura 2000 aangeboden aan de
vaste Kamercommissie LNV. De natuurgebieden maken onderdeel uit van het Europese
natuurnetwerk Natura 2000. De gebieden zijn aangemeld in Brussel. De doelen zijn
nu weliswaar door het Kabinet voorgesteld, maar de effecten en gevolgen zijn
bedreigend, amper te overzien of zelfs nog onduidelijk.
Zo krijgen duizenden veehouderijbedrijven in de buurt van natuurgebieden
plotseling te maken met een milieuplafond, komt de aanleg van bedrijventerreinen
in de knel, wordt het functioneren van de recreatiesector bedreigd door
bijvoorbeeld het banden leggen van de bewegingsruimte en exploitatie van
strandpaviljoens aan de Noordzeekust. Schelpdiervissers worden dermate beperkt
in hun vangstmogelijkheden dat de rentabiliteit onder druk komt te staan.
Na de zomer gaat LNV-minister Veerman over tot publicatie van de
ontwerpaanwijzingsbesluiten. Per gebied worden dan de natuurdoelen en
beheersplannen uitgewerkt. Het economisch belang zal volgens briefschrijvers
daarin veel zwaarder moeten mee wegen dan tot nu toe is gebeurd.
De door het ministerie van LNV gemaakte berekeningen zijn te globaal en geven
onvoldoende inzicht in de werkelijke kosten en de consequenties van de
aanwijzing van de 162 natuurgebieden. In de praktijk bestaat amper zicht op de
gevolgen en effecten. Als voorbeelden worden genoemd het bedrijventerrein De
Baanstee in Purmerend en het grootschalige plan Marina Petten in Zijpe. Van
beide terreinen is de aanleg als gevolg van de aanwijzing door naburig
natuurgebied zeer onzeker is geworden.
De toezegging van minister Veerman om de doelen ‘haalbaar en betaalbaar’ te
maken, wordt volgens de organisaties tot op heden amper nagenomen. In de
praktijk blijken de gevolgen veel ingrijpender dan LNV veronderstelt. In de
brief wordt verwezen naar de gevolgen voor waterrijke gebieden als de Peelvenen
en de Wieden; bestaande economische activiteiten als de kokkelvisserij en
mosselteelt zijn hierdoor in de verdrukking gekomen .
De organisaties zijn ook tegen de eenzijdige bewijslast die bij ondernemers
wordt neergelegd bij verdere bedrijfsontwikkeling. De vergunningaanvrager moet
aantonen dat nieuwe activiteiten geen schadelijke effecten hebben op de natuur.
Een heldere omschrijving van wat een negatief effect inhoudt is echter niet
beschikbaar. De regels kunnen zelfs zover gaan dat de verlichting op en rond
campings en boerderijen om natuurredenen wordt verboden omdat het niet duidelijk
is of dit negatieve effecten heeft op de te beschermen natuur.
Maatwerk ontbreekt en bestaande en toekomstige bedrijfsmatige activiteiten komen
door een onevenwichtige afweging van natuur en economie in de verdrukking. De
Tweede Kamer moet volgens de briefschrijvers alsnog ingrijpen zodat die afweging
veel grondiger en evenwichtiger wordt gemaakt.
Bron: RECRON, 22 juni 2006