Zoutwatertong
De Haringvlietsluizen zullen beperkt open gaan bij zowel eb als vloed.
Een gedeelte van het Haringvliet wordt hierdoor brak. Het zout mag echter niet
verder binnendringen dan de denkbeeldige lijn Middelharnis-monding Spui. Om de
inname voor zoet water voor landbouw- en drinkwater niet in gevaar te brengen,
worden vier innamepunten verplaatst naar het oosten. In extreem droge perioden
zoals de zomer van 2003 gaan de sluizen dicht bij lage rivierstand en worden
bediend volgens een aangepast programma. Om te zorgen dat er geen zoutwatertong
achter blijft op het Haringvliet, wordt er voor sluiting van de sluizen bij eb
gespuid. Door de beperkte opening van de sluizen keert het getij niet volledig
terug.
Gevolgen
Het op een kier zetten van de Haringvlietsluizen heeft een aantal
positieve gevolgen waarop het advies van de stuurgroep is gebaseerd. Zo zal de
visintrek van vrijwel alle migrerende vissen aanzienlijk verbeteren. Men gaat
ervan uit dat het ecologisch evenwicht in het gebied niet wordt aangetast. Wel
zal het gebied verrijken, maar dat heeft een positief effect op de natuurlijke
dynamiek. Het risico op overlast van blauwalgen langs de oevers van het
Haringvliet zal in de zomerperiode minder zijn dan bij onveranderd beheer van de
Haringvlietsluizen. De kwaliteit van het oppervlaktewater op de eilanden
Goeree-Overflakkee en Voorne-Putten wordt door de uitvoering van de
compenserende maatregelen aanzienlijk verbeterd. Ook worden hierdoor de primaire
waterkeringen versterkt waardoor de veiligheid ook na 2050 blijft gewaarborgd.
Achtergronden
Het Kierproject is een initiatief
van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en Verkeer en
Waterstaat. Gedeputeerde Lenie Dwarshuis is voorzitter van de Stuurgroep
Realisatie de Kier. Het project maakt deel uit van beleid dat streeft naar een
natuurlijkere Delta. De Haringvlietsluizen kunnen volgens de stuurgroep niet
voor 1 januari 2008 opengesteld worden omdat de uitvoering van de compenserende
maatregelen nog drie jaar vergt. De minister heeft de provincie Zuid-Holland
gevraagd om de regie en uitvoering op zich te nemen.
Bron: Provincie Zuid-Holland, 6 oktober 2004