Permanente bewoning... een
uiteenzetting
Permanente bewoning wordt door
veel gemeenten (en tegenwoordig ook steeds meer door de Rijksoverheid) als een
hardnekkig probleem ervaren. Bewoners van recreatiewoningen, die hier het gehele
jaar verblijven, maken gebruik van de gemeentelijke (o.a. sociale en openbare) voorzieningen
zonder daar voor te betalen (dit doen ze nl. in de gemeente waar ze ingeschreven
staan) en dit steekt de meeste gemeenten nogal. Maar er is meer. Hieronder volgt
een korte uiteenzetting over de permanente bewoning.
Recreatiewoningen zijn in eerste
aanleg gebouwd voor recreatief gebruik. Door diverse oorzaken wordt de functie
van recreatiewoning in vele gevallen vervangen door de functie van
hoofdverblijf. Dat dit op veel plaatsen het geval is kunnen we opmaken uit
landelijke cijfers: 8,5% van de recreatiewoningen wordt voor permanente bewoning
aangewend. Er zijn geen cijfers bekend hoe dit aantal zich op de Kop van Goeree
verhoudt. Wel is bekend dát het gebeurt. We spreken hier voornamelijk over
permanente bewoning in recreatiewoningen; de permanente bewoning op
stacaravanterreinen is vrijwel nihil. Dit mede doordat bijna alle campings
gedurende de wintermaanden gesloten zijn. Daarbij wordt bijna altijd het water
en vaak ook de elektriciteit afgesloten.
Een definitie voor permanente
bewoning is nog altijd niet vastgesteld. Er is, in tegenstelling tot wat veel
mensen denken, geen termijn die aangeeft of er wel of niet sprake is van
permanente bewoning. Dit zou permanente bewoning in de hand kunnen werken,
doordat een vakantie er al toe zou leiden dat aan het criterium voldaan zou
worden. In verschillende rapporten en uitspraken worden verschillende definities
vastgesteld. Allen hebben zij twee dingen gemeen. De recreatiewoning moet het
hoofdverblijf zijn én de bewoner heeft geen andere woning die geschikt is voor
permanente bewoning (o.a. Recron, 2002:4 en Provincie Zeeland, 2001:10).
Voor de toename van permanente
bewoning zijn een aantal oorzaken te noemen:
- Recreatiewoningen worden tegenwoordig steeds
luxer. Daardoor worden zij meer geschikt als permanent verblijf. Bovendien
zijn deze veel goedkoper dan huizen op de momenteel dure woningmarkt.
- Er is een te grote
vraag naar woningen wat leidt tot een krappe woningmarkt. Dit heeft er vaak
mee te maken dat het woningcontingent van gemeenten een verdere uitbreiding
niet toelaat. Ook ruimtegebrek kan een oorzaak zijn. Uit onderzoeken blijkt
dat degenen die permant een recreatiewoning bewonen niet alleen vutters en
gepensioneerden zijn. Ook veel starters en mensen met sociale problemen
(waaronder echtscheidingen) maken gebruik van recreatiewoningen.
- Er is nog altijd geen effectief
handhavingsinstrument voor gemeenten beschikbaar. Optreden tegen permanente
bewoning en het daarbij verzamelen van bewijslast blijkt vaak moeilijk. Uit
diverse gerechtelijke uitspraken blijkt namelijk dat het feit dat een persoon
zich ingeschreven heeft in de Gemeentelijke Basis Administratie (GBA) niet
voldoende is als bewijs voor permanente bewoning.
Het verzamelen van bewijslast is
onder meer moeilijk door de Wet Persoonsregistraties en Privacyreglementen. In
2001 werd de gemeente Harderwijk nog door de arrondissementsrechtbank te Arnhem
bestraft omdat zij observaties hielden op een privé-terrein. De bewoners voelden
zich hierdoor ernstig in hun privacy aangetast en maakten bezwaar bij de
rechter. De gemeente moest alle verzamelde bewijslast vernietigen
(lees
uitspraak
).
Zoals bij alles zijn ook bij
permanente bewoning voor- en nadelen te bedenken. Voordelen zijn:
- Permanente bewoning levert
stabiele inkomsten op voor de verhuurder (tijdens het laagseizoen
bijvoorbeeld).
- Onderhoud van de
recreatiewoning gaat 's winters gewoon door, omdat dit nu door de nieuwe
huurders/eigenaar wordt verricht.
- Permanente bewoning leidt tot
een hoger inwoneraantal. Deze bewoners maken gebruik van de lokale
ondernemingen en openbare voorzieningen. In sommige gevallen kan dit leiden
tot het behoud van de openbare voorzieningen.
- De veiligheid op de
recreatieterreinen neemt toe doordat er continue bewoners zijn.
- Er is opvang van
woningzoekenden die de markt niet kan bieden.
Nadelen van permanente bewoning
zijn:
- De behoefte aan
recreatiewoningen neemt niet af, terwijl het aantal te verhuren recreatiewoningen wel
afneemt. Dit zorgt voor een tekort aan recreatiewoningen.
- Permanente bewoning biedt
minder economische voordelen. De permanente bewoners maken namelijk niet
continue gebruik van de toeristische voorzieningen en attracties.
- Permanente bewoners hebben een
ander leefpatroon dan de normale vakantiegasten. Permanente bewoners kunnen
zich daardoor irriteren aan het 'uitgelaten gedrag' van vakantiegasten. Ook
andere verschillen in leefstijl kunnen tot irritaties en spanningen leiden.
- De toegenomen vraag naar
recreatiewoningen zorgt ervoor dat de prijs van recreatiegrond wordt
opgedreven.
- De permanente bewoners (uit
andere gemeenten) dragen niet bij aan de openbare voorzieningen, terwijl zij
hier wel gebruik van maken. Bovendien leggen zij beslag op de sociale- en
zorgvoorzieningen. Het aanbod hiervoor is feitelijk te klein en loopt daardoor
niet meer gelijk met de behoeften van de plaatselijke bewoners.
Om permanente bewoning tegen te
gaan kan de gemeenten de volgende stappen ondernemen:
- Controle d.m.v. de GBA,
ziekenfonds, kentekenregistratie, meldingen van burgers en ondernemers,
waarnemingen ter plaatse (slechts beperkt mogelijk i.v.m. privacyschending) en controle van het opgegeven
adres.
- Bestuursdwang, d.w.z.
indien voldoende bewijs is verzameld de woning verzegelen en ontruimen wanneer
de bewoners geen gehoor geven aan het verzoek het permanente gebruik te
beëindigen - art. 5
Algemene Wet Bestuursrecht
(
).
- Dwangsom op basis van de
Algemene Wet
Bestuursrecht (
)
Een convenant sluiten met de
gemeente is een mogelijkheid om gezamenlijk tot een akkoord te komen. Een
convenant heeft een symbolische waarde. Er zitten namelijk geen juridisch
afdwingbare gevolgen aan. Toch vindt hier een verschuiving plaats van de
controleplicht van de gemeente naar de recreatieondernemer. Bovendien dient
iedere recreatieondernemer zelfstandig te besluiten of deze een convenant met de
gemeente wil aangaan. Veero zal een dergelijk convenant daarom niet met de
gemeente aangaan, maar laat de beslissing hierover aan de zelfstandige
recreatieondernemer.
Meer informatie over
permanente bewoning?
-
Ministerie van VROM, dossier
Recreatiewoningen
-
Landelijke Organisatie voor Permanent Wonen (LOPW)
-
Vereniging van
Recreatieondernemers Nederland (Recron)
- zie o.a. standpunt Tweede Woningen