Recreatiemogelijkheden in Nederland staan onder druk
Tijdens de door RECRON georganiseerde studiedag ‘De stacaravan van lust tot last’, op vrijdag 28 maart jl., is duidelijk geworden dat 220.000 caravaneigenaren hun bezit dreigen kwijt te raken. Naast RECRON delen ook de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), de ANWB, MKB-Nederland en de kamerleden Schreijer-Pierik (CDA) en De Ruiter (SP) deze zorg. Inmiddels hebben RECRON, de VNG en de ANWB in een gezamenlijke brief aan de vaste kamercommissie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij aandacht gevraagd voor dit nijpende probleem.
Tijdens de studiedag was een
belangrijke plaats ingeruimd voor de consequenties van een aantal uitspraken van
de Hoge Raad die veel commotie veroorzaken in de toeristisch-recreatieve sector.
Door deze uitspraken worden stacaravans, en de daaraan verwante chalets,
beschouwd als onroerende zaak. Dit betekent dat ze in sterk toenemende mate
betrokken zijn bij aanslagen voor de onroerend zaakbelasting. Het bestempelen
van stacaravans als onroerende zaak heeft verregaande consequenties voor de
rechtspositie van zowel recreatieondernemers als de huurder van een vaste plaats
voor een stacaravan. Eén van de juridische consequenties is dat recreanten het
eigendomsrecht van hun kampeermiddel verliezen.
Voor 220.000 gezinnen, gezamenlijk meer dan 750.000 recreanten, zal dit het
einde van hun recreatiemogelijkheid betekenen. Voor gemeenten betekent dit een
taxatieplicht van alle 220.000 stacaravans in het kader van de WOZ en
recreatieondernemers staan voor geen andere keuze dan de stacaravans te
verwijderen, als zij het karakter van hun camping willen behouden. Dit laatste
zal de kans op toename van permanente bewoning sterk doen stijgen. Inmiddels
heeft de VNG via haar website gemeenten opgeroepen geen prioriteit te geven aan
het taxeren van stacaravans.
Het aanmerken van een stacaravan als onroerende zaak, prijsopdrijving door
verhoging van lokale lasten (toeristenbelasting, woonforensenbelasting),
permanente bewoning: het zijn allemaal bedreigingen waardoor de huidige positie
van de stacaravan onder druk staat. Het toeristisch-recreatief bedrijfsleven, de
gemeenten en de consumentenorganisatie ANWB zijn van mening dat dit zo snel
mogelijk een halt moet worden toegeroepen.